Do’s |
| Maak tijdig een overlevingsplan |
| Onderzoek de strategie goed. Het gaat niet voor niets slecht |
| Het overlevingsplan dient gebaseerd te zijn op Lean + Mean thinking |
| Voorkom claims van bestuurdersaansprakelijkheid. Vermijd benadelingshandelingen. |
| Informeer uitsluitend betrouwbare medewerkers die een sleutelpositie hebben |
| Zorg tijdig voor voldoende financiering. Denk hierbij ook aan het aantrekken van participanten |
| Informeer tijdig klanten en leveranciers die noodzakelijk zijn voor een succesvolle doorstart |
| Taxeer tijdig onroerende en roerende zaken die overgenomen moeten worden |
| Zorg dat de nieuwe juridische entiteit van de onderneming klaarstaat. Richt tijdig voor het faillissement een nieuwe bv op |
| Schakel op tijd in doorstart gespecialiseerde deskundigen in |
Don'ts |
| Taxeer onroerende en roerende zaken niet te laag |
| Vermijd het werken met bekende adviseurs. Zij hebben niet kunnen voorkomen dat het slecht gaat met de onderneming |
| Denk niet slimmer te zijn dan de curator. Die is getraind in het doorzien van trucs |
| Laat belangrijke stakeholders voor de doorstart, leveranciers, klanten en bank, niet in het ongewisse |
| Vermijd personele toezeggingen. Kies voor de kwalitatief beste medewerkers en stuur op een minimale bezetting |
| Haal voor het faillissement geen domme dingen uit, zoals het leeghalen van de onderneming. Dat tast het onderling vertrouwen aan dat nodig is om een snelle doorstart te kunnen realiseren |
| Voorkom onnodige irritaties in de communicatie met de curator. U zit in een dubbelrol in de communicatie met de curator. Als bestuurder van de oude onderneming en als potentiële koper van de boedel |